Vanaf 30 oktober 2026 krijg jij er als opdrachtgever een extra controle bij. Wanneer je facturen betaalt voor werken in onroerende staat in de bouw- en schoonmaaksector, moet je nagaan of je aannemer of onderaannemer sociale schulden heeft als zelfstandige. Is dat het geval, dan moet een deel van de factuur rechtstreeks aan het RSVZ worden doorgestort.
Ook andere kmo’s moeten opletten
De nieuwe verplichting geldt niet alleen voor bouw- en schoonmaakbedrijven. Ook kmo’s uit andere sectoren kunnen ermee te maken krijgen zodra ze een onderneming inschakelen voor bepaalde werken.
Denk bijvoorbeeld aan:
De regeling geldt voor opdrachtgevers, aannemers en onderaannemers die werken in onroerende staat laten uitvoeren. Particulieren die dergelijke werken uitsluitend voor privédoeleinden laten uitvoeren, vallen buiten de regeling.
Het RSVZ startte op 1 oktober 2026 al met een informatie- en waarschuwingsfase. Ondernemingen krijgen zo de kans om hun administratie en betaalprocedures tijdig aan te passen.
Controleer de aannemer vóór je betaalt
Ontvang je een factuur voor werken die onder de regeling vallen? Dan moet jij vóór de betaling controleren of er een inhoudingsplicht is. Dat doe je via de online dienst ‘Check Inhoudingsplicht’. Je geeft het ondernemingsnummer van de aannemer in en krijgt meteen de relevante status te zien.
Er zijn drie mogelijke resultaten:
Krijgt de aannemer een rode status voor ‘Sociale Zekerheid’, dan moet je 15 procent van het factuurbedrag exclusief btw inhouden en doorstorten aan het RSVZ. Het resterende bedrag betaal je aan de aannemer.
Wanneer verschijnt een rode status?
Een rode status kan verschillende oorzaken hebben. Het kan bijvoorbeeld gaan om achterstallige sociale bijdragen, bepaalde administratieve geldboeten of de jaarlijkse vennootschapsbijdrage.
Heeft de onderneming een afbetalingsplan en leeft ze dat correct na, dan hoeft de openstaande schuld niet noodzakelijk tot een inhoudingsplicht te leiden.
Voor jou als opdrachtgever is vooral belangrijk dat je niet zelf moet beoordelen of de schuld terecht is. Je controleert de status via de officiële toepassing en past de voorgeschreven inhouding toe wanneer dat nodig is.
Maak de controle onderdeel van je betaalproces
De controle is geen formaliteit die je één keer uitvoert wanneer je voor het eerst met een aannemer samenwerkt. De status moet worden gecontroleerd op het moment dat je de factuur betaalt. De gegevens worden immers regelmatig bijgewerkt.
Neem de controle daarom best op in je vaste betaalprocedure voor facturen van bijvoorbeeld:
Leg ook vast wie binnen jouw onderneming verantwoordelijk is voor de controle en waar het resultaat wordt geregistreerd. Zo vermijd je dat een factuur wordt betaald zonder de verplichte controle.
Een fout kan geld kosten
Vergeet jij de verplichte inhouding, dan kan dat een flinke financiële impact hebben. Wie een inhouding niet uitvoert, riskeert een administratieve boete van 15 procent van het factuurbedrag. Voor 2026 bedraagt het plafond 10.578,23 euro.
Daarnaast bestaan er al inhoudingsverplichtingen voor RSZ- en fiscale schulden. Daarvoor gelden afzonderlijke percentages. Wanneer verschillende inhoudingen van toepassing zijn, kunnen ze samen oplopen tot maximaal 50 procent van het factuurbedrag exclusief btw.
Voor kmo’s is het daarom verstandig om de nieuwe controle niet als een afzonderlijke administratieve verplichting te bekijken, maar ze meteen te integreren in het bestaande proces voor de goedkeuring en betaling van leveranciersfacturen.
