Momenteel kunnen aandelen van familiale vennootschappen onder bepaalde voorwaarden fiscaal voordelig worden geschonken of geërfd, met een tarief van 0% schenkbelasting of 3%/7% erfbelasting. Vanaf 2026 verdwijnt dit voordeel voor de waarde van onroerende goederen bestemd voor bewoning, inclusief gronden.
Deze uitsluiting geldt ook voor vastgoed dat indirect via dochtervennootschappen wordt gehouden, op voorwaarde van een participatie van minstens 10%.
Opvallend is dat zelfs residentieel vastgoed dat in een beroepscontext wordt gebruikt, niet meer in aanmerking komt voor het gunstregime.
Tot nog toe moest een familiale vennootschap bewijzen dat zij een economische activiteit uitvoerde. Dit criterium vervalt. Alleen de aard van de activa blijft bepalen of de gunstregeling van toepassing is.
Om te bepalen welk deel van de aandelen onder residentieel vastgoed valt, moet een bedrijfsrevisor of gecertificeerd accountant een verslag toevoegen aan het dossier. Daarnaast kan bij de Vlaamse Belastingdienst (Vlabel) een attest over de waardering worden aangevraagd:
Voor schenkbelasting geldt dit attest 60 dagen.
Voor erfbelasting kan het attest bindend zijn.
Na een schenking mag het kapitaal of de inbreng van de vennootschap gedurende de eerste drie jaar niet dalen door uitkeringen. Bij het schenden van deze voorwaarde wordt alsnog schenk- of erfbelasting geheven over het evenredige deel van de aandelen dat onder het gunstregime viel.
Het Programmadecreet voert ook andere wijzigingen door: de vriendenerfenis wordt afgeschaft, alleenstaanden zonder kinderen krijgen een tariefverlaging op de eerste 100.000 euro, en de vrijstelling voor de langstlevende partner stijgt stapsgewijs tot 125.000 euro tegen 2028.
Ondernemers met een familiale vennootschap doen er goed aan hun successieplanning nog vóór 1 januari 2026 te herzien. Een schenking vóór die datum valt nog onder het huidige – gunstigere – regime.
